Waarom je niet te behulpzaam moet zijn

Behulpzaam zijn

Andere mensen helpen en dag en nacht voor iedereen klaar staan. De meeste mensen herkennen dit wel bij zichzelf. Als iemand anders een probleem heeft of ergens tegenaan loopt zijn we als mensen van nature al snel geneigd om te helpen. De één natuurlijk wat meer dan de ander. Als we iemand helpen, doen we er alles aan om te zorgen dat die andere persoon zich weer beter voelt. Dit geeft niet alleen de ander een goed gevoel, maar jou ook. Iemand voelt zich namelijk beter door iets wat jij gedaan hebt. Maar het moet niet te gek worden. Er moet nog wel een balans blijven bestaan tussen geven en nemen.

Effect op anderen

Behulpzaam zijn houdt in dat je je verantwoordelijk, gezellig en ondersteunend gedraagt. Het is het vermogen om anderen te helpen, te ondersteunen, iets van jezelf te geven, soepel te zijn en om te handelen vanuit het verantwoordelijkheidsgevoel dat je hebt ten opzichte van de ander. Over het algemeen wordt het als positief ervaren als je anderen helpt, als ze ook maar geholpen willen worden. De ander zal dan het gevoel krijgen dat je te vertrouwen bent. Als je je behulpzaam gedraagt, wordt je door anderen serieus genomen. Waarschijnlijk zal het ook weer bij je terug komen. Als er iets met jou is, helpt de ander jou vaak ook. Echter, is het niet altijd positief om behulpzaam te zijn. Er zijn een aantal valkuilen, deze worden hieronder beschreven.

Valkuil 1: Disbalans tussen geven en nemen

Echter, is helpen niet altijd positief. Om te beginnen kan het hebben van een heel groot verantwoordelijkheidsgevoel ertoe leiden dat je té veel hooi op je vork gaat nemen. Of dat je dwangmatig alles op je schouders neemt, ook als je er zelf eigenlijk geen tijd voor hebt. Dit kost natuurlijk onwijs veel energie, en wat krijg je daar voor terug? Het is vaak zo dat mensen die extreem behulpzaam zijn, het gevoel hebben dat ze zelden tot nooit wat terugkrijgen voor hun goede daden.

“Ik snap er helemaal niks van. Toen hij een nieuw huis had gekocht heb ik hem met alles geholpen. Toen hij ziek was zorgde ik voor de boodschappen en belde ik iedere dag om te vragen hoe het ging. Ik stond altijd voor hem klaar.” “Maar nu ik ergens tegenaan loop zie je hem nergens. Wat een egoïst, hij denkt alleen maar aan zichzelf. Daar ben ik dus helemaal klaar mee.”

Valkuil 2: Betuttelen / Bemoederen

Als je te behulpzaam bent, slaat dit al snel om in bemoederen of opdringerig zijn. Je weet dan altijd wat goed is voor iemand, staat altijd klaar om anderen te helpen. Ook als de ander hier geen behoefte aan heeft. Je loopt dan het risico om omschreven te worden als: bezitterig, bemoeizuchtig, onvermijdelijk, overdreven bezorgd en klef. Dit is natuurlijk juist wat je niet wilt. In feite neem je dan een de rol van een ‘hulpverlener’ aan. Er hoeft maar wat kleins aan de hand te zijn en huppakee, daar ben jij al om te helpen.

Valkuil 3: Teveel ruimte innemen

Als je teveel helpt, geef je anderen maar weinig ruimte. Omdat jij altijd helpt, voor iedereen klaarstaat en dingen ‘wel even snel voor iemand doet’, geef je anderen niet de ruimte om het zelf te leren.

Ellen, de dochter van Karin, kan heel slecht tegen haar verlies. Karin vindt dat altijd zielig, als ze thuis spelletjes doen laat ze haar dochter altijd winnen. Sinds kort doet Ellen echter ook spelletjes op school, hier blijkt echter dat ze er niets van bakt. Ellen voelt zich hierdoor erg teleurgesteld, ze kon het thuis toch wel goed? Het zou effectiever zijn als de moeder haar dochter er op zou wijzen wat ze goed doet, en wat haar verbeterpunten zijn. Zo leert ze ook om met kritiek om te gaan en tegen haar verlies te kunnen. Door haar te laten winnen leert ze natuurlijk niet veel nieuws bij.

Voor een ander kan dit beperkend en benauwend aanvoelen, het kan er ook voor zorgen dat ze jouw goede gebaar als vervelend gaan zien. Of juist dat ze zelf heel lui worden, want “jij helpt toch wel”. Het resultaat is dan meestal dat jij, als behulpzaam persoon met je goede bedoelingen, continu energie stopt in het helpen van anderen en hier maar weinig voor terugkrijgt.

Valkuil 4: Onrealistische verwachtingen

Ieder persoon is verantwoordelijk voor zijn/haar eigen gedrag en verwachtingen. Als je van iedereen verwacht dat ze hetzelfde voor jou doen, als jij voor hen, is dit niet realistisch. Het is niet zo dat geven en nemen van zichzelf met elkaar in verhouding staat. Dus als jij zelf bereid bent om voor een ander klaar te staan, kun je niet verwachten dat de ander hier netzo toe bereid is. Verwacht je dit wel, dan is het wachten op teleurstellingen.

Contact

Ben jij té behulpzaam? Alleen op anderen gericht en vergeet je jezelf daardoor? Wil je leren hoe je tot een betere balans komt tussen geven en nemen? Of wil je leren hoe je je verantwoordelijkheidsgevoel losser kunt laten? Neem dan vrijblijvend contact met ons op om te kijken wat we voor je kunnen betekenen.

& Mag je ook wel eens wat meer aan jezelf denken? Lees dan de blog: “5 tips om wat vaker aan jezelf te denken“.

Bron: van Dijk, B. (2007). Beïnvloed anderen, begin bij jezelf. Uitgeverij Thema.

Getagd op:                            

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

WhatsApp Chat
Heb je een vraag? Stuur een bericht via WhatsApp...